Mensen willen best veranderen. De manier waarop we erover praten, maakt het verschil
Verandering begint meestal met een goed idee. Een nieuwe werkwijze, een organisatie die klaar wil zijn voor de toekomst. Vaak is daar goed over nagedacht. De strategie klopt, de planning ligt er en de noodzaak is helder. Dan toch loopt het gesprek soms al in een eerste bijeenkomst vast.
Onlangs gebeurde dat tijdens een kick off sessie. Een IT-architect nam de eindgebruikers mee in een nieuwe koers. Het idee was best goed. Totdat er een paar goedbedoelde zinnen kwamen, die compleet verkeerd vielen.
“Dat doen we straks dus niet meer.”
“We moeten…”
“Dat is dus eigenlijk niet zo belangrijk meer.”
Meteen schoten de digitale handjes omhoog. Mensen wilden uitleggen waarom het juist wél belangrijk is en dat ze het echt nodig hebben. Na afloop viel de opmerking van één van de projectteamleden: “Zie je wel? Mensen willen gewoon niet veranderen.”
Maar klopt dat eigenlijk wel?
Misschien wilden deze mensen best veranderen. Alleen niet ten koste van iets waar ze jarenlang met kennis, ervaring en toewijding aan hadden gewerkt. Niemand vindt het prettig om het gevoel te krijgen dat wat gisteren waardevol was, vandaag ineens niet meer telt. Dat is een belangrijk verschil.
In marketing en communicatie is al heel lang bekend dat woorden ertoe doen. Woorden bepalen hoe een boodschap wordt ontvangen en hetzelfde gebeurt in organisaties. Tussen wat iemand bedoelt en wat een ander hoort, zit soms een wereld van verschil.
Daarom is het bij veranderingen belangrijk om aandacht te besteden aan de communicatie en de inhoud van het plan.
Welke woorden gebruik je?
Wat zeggen de mensen die het raakt?
Erken je wat mensen al hebben opgebouwd?
Laat je zien wat de stappen zijn en waarom de volgende stap logisch is?
Duidelijkheid is key, maar helderheid en waardering kunnen prima samengaan. Zeker wanneer mensen zich serieus genomen voelen, ontstaat er ruimte om vooruit te kijken.